Beelden van organisatie (Gareth Morgan)

Topchange Boeken, Boekenrubriek WijLimburg

Rob Meesen is misschien wel een van de meest belezen ondernemers in Limburg. De mede-eigenaar van TopChange leest jaarlijks tussen de 250 en 300 boeken. Wekelijks beschrijft hij voor WijLimburg een ondernemersboek.

Beelden van organisatie (Gareth Morgan | 1992)

“The real voyage of discovery consists not in seeking new landscapes, but in having new eyes.”
(Marcel Proust)

Het woord organisatie is ontleend aan het Griekse organon dat instrument of gereedschap betekent. Daardoor is goed verklaarbaar dat het concept organisatie vaak een mechanistische betekenis heeft. Tijdens mijn studietijd werd ik met dit mechanistische beeld over organisaties geframed in het boek ‘Management en Organisatie’ van Keuning en Eppink. In dit boek werd iedere student organisatiekunde duidelijk gemaakt dat er ‘geen beste weg van organisatie en leiding is aan te geven die voor alle denkbare situaties geldend is’. Managementvraagstukken zijn volgens de veelgeprezen organisatiedeskundigen in beginsel in een drietal kernproblemen aan te geven, namelijk het extern afstemmingsproblemen, het intern afstemminsprobleem en het structureringsprobleem. Organisatievormen zijn een antwoord op deze problemen waarmee ieder bedrijf te maken krijgt tijdens iedere fase van de levenscyclus. Waar Keuning en Eppink een mechanistische analyse van het bedrijf en de omgeving doorvoeren, maakt Gareth Morgan in 1986 (eerste Nederlandse vertaling in 1992) duidelijk dat veel organisatieproblemen berusten op onze manier van denken. “Wij leven in een wereld die steeds complexer wordt. Jammer genoeg houdt onze manier van denken zelden gelijke tred met deze complexiteit. Uiteindelijk maken we onszelf wijs dat alles veel eenvoudiger is dan het in werkelijkheid is en benaderen we deze complexiteit alsof ze niet bestaat. Organisaties zijn complex, tweeslachtig en paradoxaal. De werkelijke uitdaging bestaat uit het leren omgaan met deze complexiteit.”

Morgan introduceerde in 1986 de stijlfiguur van de metafoor om organisaties te lezen, omdat hij gelooft dat zij een centrale plaats innemen in de manier waarop wij de wereld begrijpen en organiseren. Als metaforen de basis zijn voor onze mentale modellen van de wereld dan hebben zij ook impact op de manier waarop wij organisaties analyseren. Dankzij metaforen kunnen wij ons begrip van dezelfde situatie steeds weer in nieuwe kaders plaatsen en delen met anderen: “Het zelfbeeld van een organisatie is kritisch bij het vormen van bijna ieder aspect van haar functioneren, in het bijzonder bij de relatie tot de context waarvan zij deel uitmaakt”, aldus Morgan. Het handelen is onlosmakelijk verbonden met het denken. Mechanistisch denkende staffunctionarissen (command & control) creëren een rigide bureaucratische organisatie als oplossing voor de interne-, externe- en structureringsproblemen. Organistische systeemdenkers nemen juist zelforganiserende principes als ontwerpvariabelen voor een wendbare organisatie (connect & collaborate) als zij uitgedaagd worden door een complex-dynamische context.

Een allesomvattende ‘lezing’ van organisaties brengt volgens Morgan met zich mee dat meerdere metaforen worden gebruikt om de werkelijkheid te beschrijven. Het beeld dat zich ontvouwt hangt af van de metaforen die daarbij worden gebruikt en in welke mate de daarbij in het oog springende eigenschappen worden benadrukt. Zo ontvouwen zich zeer verschillende beelden van organisaties als zij achtereenvolgens worden gelezen als machines, organismen, hersenen, culturen, politieke systemen, psychische gevangenissen, flux en transformatie of instrumenten van overheersing. Juist het palet van beelden maakt duidelijk dat er geen beste weg van organisatie en leiding is aan te geven, maar dat slimme configuraties van beelden binnen een organisatie noodzakelijk zijn om de paradoxen van het organiseren in een gegeven situatie op te lossen. Alleen al vanwege het feit dat in de organisatiewereld, precies als in de natuur, samenwerking even normaal is als concurrentie. Door verschillende metaforen te gebruiken voor een beter begrip van het complexe en paradoxale leven in de organisatie, kunnen we organisaties ontwerpen en leiden op een manier die Keuning en Eppink niet voor mogelijk hielden bij gebrek aan verbeelding.

Rob Meesen