De wet van Snuf (Jos Burgers)

Topchange Boeken, Boekenrubriek WijLimburg

Rob Meesen is misschien wel een van de meest belezen ondernemers in Limburg. De mede-eigenaar van TopChange leest jaarlijks tussen de 250 en 300 boeken. 

De teller van zijn gelezen boeken staat inmiddels boven de 13.000. Rob heeft zelf uitgerekend dat hij aan de hand van de ‘CBS-index levensverwachting’ in dit tempo 20.000 boeken kan lezen in zijn aardse bestaan. Dat is 0,01 procent van alle boeken die ooit op deze planeet zijn uitgeven.

Wekelijks beschrijft Rob Meesen voor WijLimburg een boek dat meer dan de moeite waard is voor iedere ondernemer. “Als je een boek leest met de hersenen van iemand anders, kijk je nooit meer naar de wereld zonder dat extra perspectief.”

De Wet van Snuf (Jos Burgers | eerste druk 2013)

“Wie nooit meer een klant kwijtraakt, wordt vanzelf succesvol.” (Jos Burgers)

De horeca mag haar gastvrijheid op de terrasjes weer vormgeven mits uiteraard voldaan wordt aan de regels van de anderhalve-meter-economie. Dat gaat veel verder dan voorlichting geven, service verlenen en problemen oplossen. Want dat is het soort hulp dat een gast verwacht. Daar heeft hij voor betaald en daar heeft hij recht op. Het gaat over gasten ongevraagd, op een onverwachte manier helpen, terwijl je daartoe niet verplicht bent. Gasten moeten sterk het gevoel krijgen dat ze welkom zijn. Dat ze écht verwacht en gezien worden op hét perfecte terrasje, de ultieme beleving die cabaretier Hans Sibbel (Lebbis) prachtig verbeeldde in zijn theatershow ‘W2P’ (Welcome to Paradise’, 2005/2006). Op YouTube is dit fragment al honderdduizenden keren bekeken. “Maak een feestje van je werk. Als we willen kan het.”

Maar hoe realiseer je dat perfecte terrasje met al die beperkende coronaregels?  De schilder Picasso gaf als advies dat je de regels moet leren als een professional, zodat je ze kunt breken als een artiest. Je moet het vraaggerichte karakter van de anderhalve-meter-werkelijkheid (tijdig reserveren, afstand houden, in je elleboog niezen, verplicht digitaal betalen) breken als een artiest en een belevenis creëren. Dat begint met geven. Want wat je geeft, krijg je ook terug. Dat is het universele principe van wederkerigheid. In de Wet van Snuf, het bestverkochte managementboek van 2014 (in de vorige economische crisis), onthuld Jos Burgers de 26 belangrijkste manieren van geven. Jos heeft een aantal bestsellers op zijn naam staan en in de 150 presentaties die hij ieder jaar geeft, weet hij daar zeer bezielend over te vertellen. Het Ondernemersboek van de week is niet één boek, maar een synthese van de bestsellerauteurs die Jos Burgers hebben geïnspireerd: Stephen R. Covey (De 7 eigenschappen van effectieve leiders), Deepak Chopra (De zeven spirituele wetten van succes), Robert Cialdini (Invloed), Arjan Erkel (Ontvoerd), Stephen M.R. Covey (De snelheid van vertrouwen) en Jan Gunnarsson (Hostmanship). Boeken die ook in mijn bibliotheek niet ontbreken. Als je Burger’s boek leest, lees je dus eigenlijk 7 succesboeken door de contrastvloeistof van Burger’s persoonlijke ervaring. Hij beredeneert waarom geven relevant is, wat je kunt geven en hoe je dat kunt doen. En uiteraard geeft hij zelf het goede voorbeeld. De opbrengst van het boek is bestemd voor de Stichting Hulphond Nederland.

Aan de kunst van het geven gaat volgens Jos Burgers een andere vaardigheid vooraf: de kunst van het inleven. Deze week vertelde een bevriende professionele zangeres aan mij een inspirerend verhaal. Zij verloor door de coronacrisis al haar boekingen voor dit jaar. Onlangs ging ze samen met haar kinderen naar haar vaste kapper die volgens de strikte coronaregels weer mocht ondernemen. Toen ze na de drie knipbeurten wilde afrekenen, gaf de kapper aan dat ze alleen voor zichzelf hoefde te betalen en niet voor haar twee zonen. “Want,” zei de kapper, “jullie hebben het ook moeilijk. Ik mag gelukkig mijn vak weer uitoefenen, maar jullie nog niet.” Minder nemen is ook geven. De kapper brak de regels als een volleerd artiest volgens de eeuwenoude Wet van Snuf: wat je geeft, krijg je terug!

Rob Meesen