Iedereen aan de robot (Marcel Bullinga, 2019)

Topchange Boeken, Boekenrubriek WijLimburg

Rob Meesen is misschien wel een van de meest belezen ondernemers in Limburg. De mede-eigenaar van TopChange leest jaarlijks tussen de 250 en 300 boeken. Wekelijks beschrijft hij voor WijLimburg een ondernemersboek.

Iedereen aan de robot (Marcel Bullinga | 2019)

“De avond is net gevallen. Ik heb zojuist een lange veldwandeling gemaakt in Limburg. Schitterende zonsondergang, glooiende groene heuvels. Vriendelijke mensen voor wie het leven goed is.” (Marcel Bullinga, In Total Self/Control, 2002)

In 1995 verscheen ‘Spinnen in het digitale web’ en begon voor mij het tijdperk van bijna 25 jaar waarmee ik ook door de ogen van deze bevlogen mensenrechtenactivist, trendwatcher, spreker en futuroloog naar de wereld keek. Nederland telt een aantal goede toekomstdenkers, maar Marcel Bullinga was voor mij veruit de grootste van allemaal. Op 15 april 2019, de dag waarop in Parijs de Notre-Dame afbrandde, stierf de ongekroonde Ziener des Vaderlands aan de gevolgen van zijn ongeneeslijke ziekte.

Marcels boek ‘Iedereen aan de robot’ dat vlak voor zijn dood verscheen, is sinds vorige week ook beschikbaar als e-book. Dit laatste werk in zijn nalatenschap als schrijver geeft een fantastisch inzicht in de kansen die robotisering en kunstmatige intelligentie bieden voor onze huidige complexe systeemproblemen op het gebied van economie, geld, werk, onderwijs, media, gezondheid, mobiliteit, energie, duurzaamheid en democratie. Wat kunnen de robots van ons leren? Wat kunnen wij van robots leren? En hoe zorgen we ervoor dat we niet de slaaf worden van het algoritme, maar een wereld creëren met meer samenwerking en compassie. Marcel geloofde onvoorwaardelijk dat de toekomst bepaald wordt door onze bereidheid om samen te werken met robots. “In de robot-menseconomie doen robots het werk waar zij beter in zijn dan mensen, en mensen doen het werk waarin zij beter zijn dan robots. Mens en robot werken eendrachtig samen. Robots ondersteunen ons werk en verbeteren onze kwaliteit van leven”, aldus Marcel. Angst voor deze robottoekomst is overigens volstrekt onnodig. De verdorven algoritmes van het verprutste brein van een bekrompen Alfamannetje in het Witte Huis vormden de afgelopen jaren immers een groter risico voor de toekomst van onze soort dan de AI-logica van robotzwermen.

Mijn eerste persoonlijke ontmoeting met Marcel was vreemd genoeg pas in 2015 tijdens een evenement op het Museumplein in Kerkrade. Geen idee waarom onze paden zich niet eerder gekruist hadden, maar vanaf dat moment waren ze nooit meer van elkaar gescheiden. Amsterdam en Zuid-Limburg waren per toerbeurt de pleisterplaatsen waar we samenwerkten aan onze gewaagde robotplannen, zoals die keer dat wij met twee stagiaires van TopChange het AI-startup team van Kandoor in Amsterdam bezochten waar Tom Romanowski (Managing Director of Business Innovation bij APG) destijds de drijvende kracht was. Wij verkenden daar de technologische haalbaarheid om Marcels toekomstdenken te programmeren in het brein van een zelflerend robot-algoritme. In 2017 kreeg Marcel te horen dat hij darmkanker had en begon hij naast de strijd tegen de levensbedreigende ziekte aan zijn volgende boek, waarbij hij mijn hulp inriep. En tijdens dat intense schrijfproces werden wij tijdens ontelbare telefoon- en chatgesprekken over de inhoud van het boek en de zin van het bestaan naast collega’s ook échte vrienden voor het leven, waarbij ik zijn bijzondere manier van denken over de toekomst steeds beter leerde begrijpen. Marcel plande zijn schrijfperiodes tussen de chemokuren en volbracht ondanks zijn fysieke pijn zijn zelfopgelegde missie op tijd. Op 12 maart 2019 verscheen ‘Iedereen aan de robot’. Marcel zei dat het hem zonder mij nooit gelukt was. Ik kon slechts antwoorden dat zonder hem ik nooit de denker was geworden die ik nu ben.

Marcel had een speciale band met Limburg, zoals al bleek in de openingszinnen van In Total Self/Control. Op 22 november 2018 was hij aanwezig tijdens de presentatie van het WijLimburg Magazine. In het laatste hoofdstuk (Conclusie en een paar tips) van ‘Iedereen aan de robot’ kijkt Marcel terug op dat moment: “Limburg, een herfstachtige namiddag. Het schemert al vroeg. Het is kil, maar niet in de recent bijgebouwde, prettig verwarmde lunchroom van de twee eeuwen oude bierbrouwerij van Gulpen. Daar wordt het ondernemersmagazine WijLimburg gepresenteerd, inclusief een interview met mij (een hele eer dat zoiets gebeurt in het Verre Vrije Zuiden). Het artikel gaat over een van de presentaties die ik met behulp van morfine en krukken wist te doorstaan. Bladerend door het magazine valt mijn oog op de column van een ondernemer. De kop luidt: Winnen zonder strijd. Laten die woorden nou precies de economie van samenwerking en compassie omschrijven die in dit boek centraal staan.”

De lezing op krukken en morfine waar Marcel naar verwijst, vond op 8 oktober 2018 plaats bij netwerkorganisatie Baandomein. Niemand van de deelnemers in de zaal destijds wist wat ik wist over Marcels kwetsbare gezondheid en niemand merkte er iets van. Marcel strooide als vanouds met zijn onweerstaanbare energie. Het was Marcels laatste optreden in Limburg. In de maanden die volgden werkte Marcel koortsachtig door aan de afronding van ‘Iedereen aan de robot‘. Hij droeg het op aan zijn levenspartner Bamber en zijn zoon Mick. Omdat hij toen al ernstig verzwakt was, vroeg Marcel of ik hem als spreker wilde vervangen tijdens een reeds geplande boekpresentatie. Op de terugweg vertelde ik hem alle details van de bijeenkomst en de reacties van de deelnemers. Dat het goed gegaan was vond hij prachtig, ondanks zijn grote verdriet dat hij er zelf niet meer bij kon zijn. Vlak voor zijn dood stuurde Marcel mij nog een e-mail die begon met “ff wat gedachtes” en eindigde in verpletterende vergezichten.

Marcel beitelde op onnavolgbare wijze voor een robot een kwart eeuw lang zijn denkalgoritme in mijn brein. Via zijn boeken, tijdens zijn presentaties en in onze gesprekken. Er gaat nog steeds geen dag voorbij zonder dat mijn brein bewust en onbewust gebruik maakt van zijn onsterfelijke denkpatronen. Dat houdt hem springlevend in mijn tegenwoordige herinnering van het verleden, mijn tegenwoordige aanschouwing van het heden en mijn tegenwoordige verwachting van de toekomst.

Rob Meesen